Home
Creatie.info | woensdag 08 februari 2012
 
 
 
Evolutie, zo zit het! Print E-mail
Wednesday, 18 March 2009 13:20
Evolutie, zo zit het!

Met tussencommentaren van Rinus Kiel

Deze folder is een productie van Kennislink. Meer informatie over evolutie, wetenschap en techniek vind je op www.kennislink.nl . Aan deze folder werkten mee: Adiël Klompmaker, Asha ten Broeke, Elles Lalieu, Lydwin van Rooyen, Ronald Veldhuizen en Sven de Jong. Foto nautilus: Peter W.

Sommige mussen overleven de winter niet. Ze badderen in plasjes smeltwater en vriezen dood op de schutting. Andere mussen hebben net niet de juiste snavel om goed te snoepen van vetbollen die mensen voor ze ophangen. Toch blaakt een derde soort mus van gezondheid. Deze mus blijft uit het water en overleeft de vrieskou door zijn buik rond te eten. In de lente gaat de mus als eerste met takjes en wormpjes in de weer, klaar voor een nieuw nest.

Afbeelding: 4 verschillende vinkensnaveltjes
De snaveltjes van deze vinken brachten Darwin op het idee: soorten veranderen omdat alleen de meest succesvolle leden lang genoeg leven om nakomelingen te krijgen.
Vinken van de Galapagos Archipel

Dit is evolutie in actie. In een barre omstandigheid blijkt een toevallige aanpassing enorm belangrijk. Een dier moet lang genoeg leven om nakomelingen te maken. Die nakomelingen erven de aanpassing en na verloop van tijd zijn er een heleboel dieren met die aanpassing. Een nieuwe diersoort is geboren.

Nieuwe diersoort: de verschillende mussen blijven mussen; alle Darwinvinken zijn nog steeds vinken, hun snavels veranderen binnen1 à 2 generaties zodra ze op een ander eiland terecht komen. Dit is niet de evolutie waarop Darwin hoopte, maar de variatie die hij waarnam en die hij zelf ook bereikte met zijn kweekactiviteiten; zijn boek doet daarvan uitvoerig verslag. Darwin wist uit ervaring dat die variatiebreedte harde grenzen heeft, globaal die van de familie. Creationisten accepteren >90% van Darwins boek.


Poolreizigers

Darwin trok in de 19e eeuw dezelfde conclusie nadat hij op twee eilanden vinken zag met twee soorten snavels. Op de snavels na waren de vinken precies hetzelfde. Dat bracht Darwin op een nieuw idee, namelijk dat in de natuur uit één diersoort andere soorten kunnen ontstaan. Eigenlijk weten we dat allang. Uit de wolf is bijvoorbeeld heel lang geleden de hond ontstaan. Van Paris Hiltons Chihuahua tot de Husky die poolreizigers door sneeuwstormen heen loodst. Wij fokken hondenrassen met de hand zodat ze zijn aangepast aan hun omstandigheden. In de natuur werkt het net zo. En zo veranderen soorten, oftewel: ze evolueren.

Nee, ze evolueren niet, ze variëren. Zowel honden, wolven, hyena’s en andere soorten hebben als voorouder de wolfachtige (en niet de huidige wolf). Nooit is waargenomen dat een kat, een paard, of een muis is voortgekomen uit de wolfachtige. In het denken over evolutie mankeert het aan goede definities: daar ontbreekt het aan een helder onderscheid tussen – horizontale – variatie (micro-evolutie), die het genoom niet te buiten gaat, en – verticale, opklimmende – evolutie (macro-evolutie), waarbij nieuwe informatie nodig is. Zelfs Richard Dawkins moest 11 seconden nadenken voor het antwoord op de vraag of hij één voorbeeld wist waarbij informatie was toegenomen. Na 11 seconden negeerde hij de vraag en ging over op een ander onderwerp.


Harige soortgenoten

Als evolutie voor elk ander dier geldt, waarom dan niet voor de mens?”, dacht Darwin later. De wetenschap geeft hem gelijk. Wetenschappers vonden overblijfselen van een soort aapmensen die vanaf vijf à zes miljoen jaar geleden langzaam rechtop gingen lopen, hun haar verloren en gereedschap leerden gebruiken. Dit waren onze voorouders. Ze hadden meer succes dan hun hurkende, harige soortgenoten.

Afbeelding:
Een reconstructie van een vrouwelijke Australopithecus afarensis, een van de vroegste voorouders van de mens.

Apen zijn niet onze soortgenoten. Biologieleerboeken plaatsen ze ten onrechte in dezelfde klasse. De mens is in zeer veel aspecten volstrekt uniek, en niet alleen biologisch.

Australopithecus afarensis, de naam zegt het al: “zuideraap”, een aap dus, geen mens, en ook geen ‘voorouder’ van de mens. Dat hij op het plaatje een tussenvormachtig uiterlijk heeft gekregen van de tekenaar is pure fantasie. Aan de hand van schedelfragmenten kun je geen gelaat vaststellen. Sommigen hebben A. afarensis meer aapachtig, anderen meer mensachtig afgebeeld, al naar gelang de behoefte. Drie duidelijke skeletkenmerken onderscheiden apen van mensen:

1. De manier waarop de schedel is bevestigd aan de ruggegraat: rechtop bij de mens, in een hoek bij apen. / 2. Mensenvoeten zijn plat en relatief kort, apenvoeten zijn lang en gebogen om in de bomen te klimmen. / 3. Apentanden zijn op een karakteristieke manier verschillend van die van mensen.

Alle fossiele schedel- en andere fragmenten die in dit verband gevonden zijn, en waarvan aan de hand van bovengenoemde kenmerken vast te stellen viel of het apen of mensen betrof, zijn aanvankelijk vaak als voorouders of tussenvormen breed in de pers geëtaleerd, maar later in vaak kleinere kring alle herroepen. Ze bleken of aap of mens te zijn, maar nooit iets daar tussenin. Helaas is die herroeping zelden breed gepubliceerd, zodat de verkeerde informatie bleef hangen. Ook zendt National Geographic (dat veel van deze onderzoeken in Afrika financierde) nog steeds de ontmaskerde veronderstellingen als waarheid via de TV uit.


Oercel

Als de ene soort uit de andere ontstaat, hoe ontstond dan de eerste levensvorm? Die ontstond waarschijnlijk uit een oersoep. De stoffen hierin klonterden op zo’n manier samen dat het geheel stabiel werd – de oercel was geboren. Daarvoor is bewijs. Onderzoekers hebben een simpele oersoep nagemaakt. Toen ze die blootstelden aan de vulkanische omstandigheden van onze vroege aarde ontstonden uit die simpele stoffen de bouwstenen waar alle levende wezens op aarde uit zijn opgebouwd.

Dat behoeft enige correctie! Het ontstaan van eerste cel wordt toenemend niet meer als ‘evolutie’ gezien, maar als ‘biogenese’, vanwege de onwaarschijnlijkheid ervan, die de discussie over ‘evolutie’ nodeloos belast. Nu heette dat natuurlijk altijd al ‘biogenese’, maar dan als onderdeel van de evolutie van molecuul tot mens. Zelfs Midas Dekkers maakt nu dit onderscheid. Maar het moet een keer gebeurd zijn. Toch?

Urey en Miller deden in 1953 een experiment waarin de hypothetische ‘oersoep’ werd nagebootst. Resultaat waren verschillende aminozuren, waarvan enkele typen ook worden gebruikt om biotische proteïnen te vormen. Echter, links- en rechtsdraaiend door elkaar. In de praktijk elimineren die elkaar in snel tempo. Met dit mengsel kan geen ‘leven’ worden opgebouwd, dat is nl. linksdraaiend. Eén rechtsdraaiend aminozuur verhindert vorming van proteïnen.

Maar dat niet alleen. Wat ons eigenlijk nooit verteld is, is dat >95% van de output van het experiment bestond uit teer. Dat natuurlijk zorgvuldig gescheiden werd van de rest. Maar in de echte werkelijkheid zouden die paar procent aminozuren dus verdronken zijn in massa’s teer. Urey en Miller zijn gestorven, en hebben in dit opzicht nooit meer enige serieuze voortgang geboekt.

Wat betreft de hypothetische oersoep. Recent onderzoek in de Jack Hills in West-Australië heeft als uitkomst opgeleverd het sterke vermoeden dat de aarde al snel na zijn ontstaan (in evolutionaire tijdschaal dan), een atmosfeer, oceanen en vastelanden had van nagenoeg dezelfde samenstelling als de huidige. En een reducerende atmosfeer, dus geen oersoep, en geen tijd voor de eerste cel om zich spontaan te vormen. Zie voor een verslag van de onderzoekers http://www.geology.wisc.edu/zircon/Valley2005SciAm.pdf .


Misverstanden over evolutie: zomaar leven.

De kans dat leven ontstaat uit niet-levende moleculen is zo klein dat het lijkt alsof een hogere hand dit proces leidde. Maar het is net als meedoen met de loterij. Als je een miljoen jaar meespeelt, heb je vast een keer het winnende lot. Ook is het niet zo gek dat losse stoffen samen stabiel werden. Denk aan water en cement. Los is de één vloeibaar en de ander waait zo uit je handen. Maar samen vormen ze keihard beton.

Afgezien van het feit dat een cel iets ingewikkelder is dan beton, stuiten we hier weer op de evolutiemantra: als je maar genoeg tijd hebt, wordt de onwaarschijnlijke waarschijnlijk, en het waarschijnlijke zekerheid (zie Richard Dawkins). Kennis van wiskunde en kansberekening is in de evolutietheorie niet sterk ontwikkeld. Debatten tussen evolutionisten en wiskundigen liepen altijd slecht af voor de eersten, maar in de krant lees je daar nooit over. Darwin en Lyell waren slecht in wiskunde, en dat is nog steeds te merken. Prof. Thompson schreef in zijn voorwoord voor de ‘Origins of Species…’ van 1956: “Het succes van het Darwinisme ging gelijk op met afname van wetenschappelijke integriteit”. Laten we nu kijken naar de loterij. In de Staatsloterij heb je een kans van zeg 1:106. De kans dat de eenvoudigste prokaryote cel door toeval kan ontstaan is ergens in de buurt van 1:10130, of zo. Dus praktisch nul. Maar Dawkins en anderen zien dat anders: als er eenmaal een mutatie is geweest dan wordt die bewaard, totdat er een volgende bovenop komt. Enzovoorts, totdat het onmogelijke mogelijk is geworden. Het verbaast mij dat een intelligent mens als Dawkins niet inziet dat we hier met intelligent design te doen hebben en niet met blind toeval. Een toevallige mutatie wordt niet vastgehouden maar uitgeselecteerd als hij nutteloos of schadelijk is, wat doorgaans het geval is. Tijd is hier niet de grote wonderdokter. Wat onmogelijk is in 3.109 jaar is nog even onmogelijk in 3.10900.000 jaar. Afgezien natuurlijk van het feit, dat alle parameters in de kosmologie vervelend eentonig wijzen op een jong heelal.

Fossielen

Bewijs voor het evolutieproces kunnen we nu nog terugvinden in de aarde. Dieren en planten zijn gedurende honderden miljoenen jaren bedekt met lagen aarde en versteend tot fossielen. Hoe dieper ze zitten, hoe ouder de aardlagen en fossielen zijn.

 

Afbeelding:
Soms kun je de oudste aardlagen zien in een berg, zoals hier in Arizona (VS)

Door fossielen uit een oudere aardlaag te vergelijken met fossielen in jongere aardlagen zien we hoe soorten in die miljoenen jaren evolueerden.

Stephen J. Gould, één van de grote autoriteiten op gebied van geologie en paleontologie, zei eens: “Fossielen leveren geen enkele bijdrage aan de evolutietheorie”. Hij zei erbij dat dit het beroepsgeheim van de paleontologen was. Dat een geheim gebleven zou zijn, als het niet in een felle discussie met creationisten boven water was gehaald. Maar “omdat evolutie nu eenmaal heeft plaats gevonden” ontwerpt hij samen met Niles Eldredge de hypothese van het ‘punctuated equilibrium’: evolutie ging zo razendsnel dat je er geen sporen van terugvindt in het fossielenbestand. Zo kan ik ook gelijk krijgen. Het lijkt op het verhaal van de kabouter die onder mijn tafel zit. Je kunt hem niet zien, want elke keer dat je naar hem kijkt wordt hij onzichtbaar.

Evolutie is inderdaad in fossielen niet te zien. Ze verschijnen plotseling en compleet en zo verdwijnen ze ook weer. Strikt gescheiden levensvormen, dat is het beeld van de fossielen. En als er ergens ontwikkeling lijkt, dan is dat binnen een familiegroep, maar ook deze levensvormen zijn perfect en compleet. Beperkt tot het Paleozoïcum: Achter elkaar zonder onderbreking in stromend water afgezet, veelal in turbidieten vanuit een hoger liggende zeebodem. Opbouw: boulders, grof puin, zand in afnemende korrelgrootte, klei, kalk. En daarin zeeleven, gesorteerd naar leefmilieu in de oceanische omgeving.

Misverstanden over evolutie: prikkende fossielen

Sommige mensen beweren dat alle fossielen tegelijk ontstonden door een grote ramp. Deze zorgde ervoor dat al het leven samen verdronk en werd begraven onder de aardlagen. Maar waarom liggen veel vissen dan in de onderste aardlaag? Die verdrinken namelijk niet. Fossielen die door meer dan één aardlaag heen steken waren het slachtoffer van snelle begraving door bijvoorbeeld modderstromen of wegzakken van een moeras. Op Nova Scotia, Canada, zien we nog steeds hoe aardlagen zich razendsnel om bomen heen opbouwen.

Het leven verdronk niet volgens de creationisten. Het werd overvallen door verstikkende modderstromen en fossiliseerde daarin. Vissen liggen niet in de onderste aardlagen, maar meer naar boven in het Paleozoïcum. Polystrate gefossiliseerde boomstammen vindt men in de lagen van het Carboon, zij steken door vele afwisselende lagen kalk/steenkool heen. De lagen op Nova Scotia fossiliseren niet meer en harden niet meer uit, zoals in het Carboon.

Op de afbeelding zie je het fossiel van de ‘Scipionyx samniticus’. Het is uitzonderlijk goed bewaard gebleven. Wil je hem in het echt zien, dan moet je naar het Natuurhistorisch Museum in Milaan.


Staartje

Evolutie zien we ook in een foetus. Alle zoogdieren hebben in aanleg poten. Aan de buitenkant van een walvis zie je deze poten niet, maar diep in zijn lichaam liggen kleine botjes waar de poten zouden zitten. Een mensenembryo heeft een staartje. Dat staartje verdwijnt voor de tiende week van de zwangerschap. Het staartje is een overblijfsel van de tijd dat de voorouder van de mens nog een echte staart had.

Ik dacht dat we het staartje nu wel uitgezwaaid hadden. Maar ziet, hier duikt het weer op. Even rechtzetten: de ‘staart’ is geen staart, maar het onderste uiteinde van de wervelkolom, die in het embryo weliswaar iets uitsteekt, maar waaraan bij de uitgegroeide foetus allerlei spieren aangehecht zijn. Bij vele zoogdieren groeien aan dit uiteinde van de wervelkolom vaak staartwervels voor een echte staart. De menselijke ‘staart’ is zowel in de foetale als in de volwassen toestand een noodzakelijk ‘onderdeel’. Het getuigt van onzorgvuldigheid, dat dit non-argument nog steeds te berde wordt gebracht.


Misverstanden over evolutie: evoluerende foetus

In de 19e eeuw dacht Haeckel dat een foetus eerst van eencellige moest evolueren naar vis en reptiel voordat het een mensenfoetus werd. Haeckel tekende de embryo’s van vijf dieren en een mens naast elkaar om dit proces duidelijk te maken. Nu weten we dat dit idee niet klopt.

Haeckel ‘dacht’ het en tekende het als feit. In de Berliner Volkszeitung van 29-12-1908 geeft hij toe dat ze verzonnen zijn, maar vindt dat niet zo erg, omdat ze leemten opvullen. Dat laatste is niet waar, want diverse biologen vóór hem hadden al de juiste plaatjes voorhanden en die waren ook bekend. Waarom heeft het dan nog bijna een eeuw geduurd voordat die misleidende tekeningen uit de schoolboeken verdwenen zijn? In het biologieboek van mijn kleindochter (2006) stonden ze nog steeds!! Moet de evolutiehypothese door leugens ondersteund worden om geloofwaardig te blijven?


Logisch

De evolutietheorie heeft drie ingrediënten. 1. In elke soort komen toevallige verschillen met andere leden van de soort voor. Zo kan het gebeuren dat een mus een net iets andere snavel heeft. 2. Soms is zo’n verschil handig bij het overleven in moeilijke omstandigheden. 3. Dat handigheidje geef je weer door aan je kinderen, die ook beter kunnen overleven dan hun soortgenoten. Zo verklaart de evolutietheorie op een logische manier hoe het leven op aarde is ontstaan. En door goed te kijken naar fossielen en aardlagen en na te denken over hoe we nu in elkaar zitten, kunnen we dat ook aantonen. Je hoeft dus niet te geloven in de evolutietheorie: je hoeft alleen maar om je heen te kijken om te zien dat het klopt.

Nou, simpel, niet? Maar als het zo simpel is, waarom verzucht bijv. Richard Dawkins dan dat het menselijk brein wel speciaal ontworpen(!) lijkt te zijn om evolutie verkeerd te begrijpen? Ja, hoe zou dat komen? En waarom heeft de Belgische professor Johan Braeckman van de Universiteit van Gent dan € 250.000 gekregen om aan de Belgen de evolutietheorie nog eens goed uit te leggen. Heeft meer dan een eeuw exclusieve indoctrinatie in scholen en universiteiten en media dan niet echt geholpen? Is het zo moeilijk? Of zijn er nogal veel mensen, die om den brode en vanwege examens braaf de evolutiesprookjes voorgeven te geloven en verder hun eigen conclusies trekken? Wordt het geen tijd om eens echt met wetenschap aan de gang te gaan in plaats van de vage filosofieën van het Darwinistische denksysteem? Het is maar een vraag . . .

Meer weten? Op Kennislink.nl lees je nog meer over evolutie.

Kennislink.nl maakt nieuwsgierig

Nieuwsgierig naar wat? Naar nog meer van ditzelfde? Nee toch, alsjeblieft!!

 
 
   
     

 
© 2012 Creatie.info
Joomla! is Free Software released under the GNU General Public License.